Zelfs wanneer het erop aan komt IS uit Mosoel te verdrijven, blijft elke betrokken partij toch vooral trouw aan de eigen agenda en strijd. Precies deze prioriteitsstelling voedt al jaren de complexiteit van de situatie in de brede regio. Op welke manier de slag afgerond zal worden, is nog onduidelijk, maar feit is dat dit verstrekkende gevolgen zal hebben voor de toekomst van Irak als land. De vrees is reëel dat, als de tegenstellingen in en rond Mosoel niet overstegen kunnen worden, een opdeling van de staat onafwendbaar wordt.

Zowel commercieel als geopolitiek is Mosoel een stad met een rijke geschiedenis. Gelegen in het vruchtbare bassin van Mesopotamië, vervulde die stad een cruciale rol tijdens de kruistochten. Sinds mensenheugenis was het ook een belangrijke halte voor verschillende handelsroutes die Oost en West verbonden. Dat belang nam nog toe toen, veel later, in de ondergrond olie ontdekt werd. Een belangrijk moment in de geschiedenis van de stad was toen ze midden de 16de eeuw onder Ottomaanse controle kwam te staan. Later zou ze de provinciale hoofdstad worden van een gebied dat overeenstemt met het huidige Noord-Irak. De recente geschiedenis van die plek is gekend. Twee jaar geleden viel Mosoel in handen van IS, en vandaag woedt de ‘Slag om Mosoel’ in alle hevigheid. Maar het Ottomaanse verleden schuilt om de hoek…

Gebiedsverlies

De Turkse sterke man Erdogan liet zich onlangs ontvallen wat vele Turken denken: “In 1914 was ons land 2,5 miljoen vierkante kilometer groot, na het Verdrag van Lausanne hielden we nog slechts 780.000 km² over.” Mosoel en het verre ommeland behoorden tot die verloren gebieden. In 1937 en 1955 ondertekende Ankara een verdrag van niet-inmenging met Irak, een creatie van de Britten én op maat van de Britten. Het gebied was verloren en dat verlies leek definitief te zijn. Maar de chaos van de voorbije jaren lijkt opportuniteiten te bieden. Regionale ambitie is één van de ankerpunten van Erdogans buitenlandse politiek, niet onterecht als neo-Ottomaans omschreven. Neem dit samen met een aantal andere bekommernissen, plaats daartegenover het gedrag van Turkije ten aanzien van IS, en plots worden de dingen al een stuk duidelijker.

Angst voor corridor en boog

Zo is een belangrijke drijfveer de vrees voor een ‘Koerdische corridor’, een autonoom Koerdisch gebied zeg maar. De terminologie verwijst rechtstreeks naar het Verdrag van Sèvres uit 1920 dat hierin voorzag, maar nooit de instemming kreeg van Mustafa Kemal, ook bekend als Atatürk. Met lede ogen bekijkt Ankara vanop het balkon welke rol de Koerden de voorbije jaren in het gebied hebben gespeeld. Want als één partij gebruik wist te maken van de chaos, zijn het wel de Koerden. Toen IS oprukte, ging het Iraakse leger op de vlucht, waarna gebied ingenomen werd door de Koerdische troepen. Misschien is Turkije niet onverdeeld ongelukkig met dat IS-fenomeen in zijn achtertuin. Er geldt ook zoiets als de vijand van mijn vijand die het statuut van vriend krijgt. Of toch iets dat erop lijkt.

De Turkse vrees heeft niet enkel betrekking op hetgeen de Koerden uitspoken. Ook de zogenaamde sjiitische boog van de Kaspische Zee tot aan de Middellandse Zee, een plan van Teheran, voedt die angst. Met lede ogen stellen de Turken vast dat gronden van gevluchte soennieten in Syrië verkocht werden aan pro-Iraanse actoren; het is een manier om de demografie te beïnvloeden.

Eigenzinnig Turkije

Zoals men bij onderhandelingen beter mee aan tafel kan zitten, lijkt het Ankara onontbeerlijk bij de bevrijding van Mosoel betrokken te zijn. Er werd in 2012 een basis in Irak opgericht, tot groot ongenoegen van de regering in Bagdad. Onlangs deed zich een incident voor; de Iraakse troepen aldaar kregen verbod hun vestiging te verlaten. Officieel luidt het dat de “terroristen” op hun terrein bestreden moeten worden, maar voor elke protagonist dekt de vlag een verschillende lading. Terwijl de ogen op Mosoel gericht waren, bombardeerden Turkse vliegtuigen Koerdische stellingen. En is het toeval dat tweemaal bij de bevrijding van een door IS gecontroleerde stad waarbij Turkse troepen betrokken waren, de leiders van de islamistische hordes het hazenpad konden nemen? Wat zich nu rond Mosoel afspeelt, is een nieuw hoofdstuk in de wirwar die we al jaren aanschouwen. Iedereen heeft zijn eigen agenda en specifieke tegenstander(s). De prioriteitenlijstjes verschillen, waardoor het gegeven zoveel ingewikkelder is dan bij een tweestrijd tussen partij A en B.

Religieuze tegenstellingen helen

Het is als de Slag om Berlijn toentertijd; je weet wie gaat winnen, alleen weet je niet hoelang het gaat duren. De belangrijkste vraag heeft betrekking op wat na de overwinning komt. De weerstand die IS levert, is alleen cruciaal voor de tijdsvraag. Wat volgt erna? Een omslachtig gegeven. Zal Irak als unitaire staat blijven bestaan, of nemen de etnisch-religieuze tegenstellingen de bovenhand? Gezien de gemengde samenstelling van de stad, wordt Mosoel als een interessante test case beschouwd. En het moet gezegd dat bij de bevrijding van enkele voorsteden onrustwekkende signalen ontwaard werden. Sjiitische eenheden die IS verjaagden, lieten hun vlaggen wapperen, tot ergernis van de soennieten en de Koerden. Dergelijke incidenten benadrukken de religieuze verschillen, en net die kloof tracht de regering in Bagdad te overbruggen. Aan de onderhandelingstafel is men zich hiervan bewust, alleen lijkt het erg moeilijk nu al concrete afspraken te maken. Uiteraard zal de nieuwe gouverneur over het nodige gezag bij alle bevolkingsgroepen moeten beschikken, maar feit is dat de vraag stellen makkelijker is dan ze te beantwoorden.

Michaël Vandamme