2017-07_11_Dossier De halalbusiness 02Je zal maar een Vlaamse fabrikant zijn van pakweg saucissen; je krijgt geheid geregeld voedselinspecteurs over de vloer. Maar halalvoeding? Vergeet het. Er is geen enkel wettelijk kader en er zijn geen normen, dus doet elke instantie die halalcertificaten aflevert maar wat. De niet-controle door de overheid is zo absurd dat in het enige ‘officiële’ rapport over de halalvoedingsindustrie namen staan van certificeringsorganisaties die niet eens bestaan, en zelfs een organisatie die al jaren in vereffening was en dus niet meer actief is. Dat is kafkaiaans. Dat de overheid het allemaal blauwblauw laat, mag merkwaardig heten als men weet dat de halalvoedingsbusiness alleen al in ons land goed is voor een omzet van – naar schatting – 1,7 miljard euro.

Twee jaar geleden bracht ’t Pallieterke een uitgebreid dossier over de halalcertificaten die in ons land worden uitgereikt. Aanleiding was dat de haven van Zeebrugge met veel bombarie aankondigde dat ze als eerste haven aan de westkust van Europa een halalcertificaat kreeg uitgereikt vanwege de Halal Food Council of Europe (HFCE) die zelf Belgomilk als referentie aangaf. Voor de haven betekende het certificaat de kans op meer trafiek naar en van moslimlanden. HFCE bestaat nog steeds, maar van inkomsten voor het uitreiken is nog altijd geen enkel spoor. Bij certificaten wordt nochtans stevig doorgerekend, gaande van zowat 150 euro voor een modale slager en een commissie per verkochte kilo vlees. Ondernemingen die een halalcertificaat willen, moeten tussen 2.000 tot 50.000 euro investeren en nadien jaarlijks  tot wel 20.000 euro ophoesten. Inmiddels zouden ongeveer 1.200 Belgische bedrijven over een certificaat beschikken, hetgeen hun totale investeringen brengt ergens tussen 2,4 en 60 miljoen euro. Een juist beeld bestaat er nochtans niet, want als iets de wereld van de halalcertificatieorganisaties kenmerkt, is het een totaal gebrek aan transparantie en aan standaarden. Iedereen doet maar. Er is immers geen duidelijk wettelijk kader.

Halalrapport: een lachertje

Dat waren enkele bevindingen in het rapport ‘Halalvoeding in Vlaanderen: een verkenning’ van het beleidsdomein Landbouw en Visserij, uit 2013. Dat is best vreemd, in het besef dat alleen al de halalvoedingsmarkt volgens die studie in ons land zowat 1,7 miljard euro bedraagt. Het gaat om een schatting, want cijfers zijn er niet. Het bedrag is gebaseerd op een extrapolatie van de gegevens in Nederland waar men een veel beter beeld heeft. Het rapport heeft het over een tiental actieve halalcertificeringsorganisaties in ons land, en somt er zeven op. Dat de opstellers van het rapport hun huiswerk niet goed hebben gedaan, is duidelijk. Eén van die zeven had reeds vijf jaar eerder, in 2007, het faillissement aangevraagd. Van de meeste andere was geen spoor te bekennen op de webstek van het Belgisch Staatsblad. Van geen enkele zijn cijfers beschikbaar. Ten tijde van het rapport was Eurohalal in Brussel nog actief. De webstek ervan staat nog steeds online; daar vernoemt Eurohalal onder zijn referenties namen als Farm Frites, Guylian, Lotus Bakeries en Lutosa. Pittig gegeven: Eurohalal ging in 2014 in vereffening. Welke organisaties vandaag nog buiten HFCE actief zijn in ons land, is onmogelijk te achterhalen.

In feite kan iedereen zomaar een certificaat afleveren. En dat houdt per definitie in dat er tussen diegenen die ze opstellen oplichters zitten. Het was overigens geen toeval dat heel wat Belgische bedrijven naar Frankrijk trokken waar ze het halalcertificaat gewoon konden kopen zonder lastige controleurs van die organisaties over de vloer te krijgen. Een aanzienlijk deel van wat als halal wordt verkocht, is dat helemaal niet. Dat heeft ook te maken met het feit dat er vaak geen externe controle is om na te gaan of het dier waarvan het vlees afkomstig is wel op de rituele manier werd geslacht. Dat houdt meerdere regels in.

2017-07_11_Dossier De halalbusiness 03Dierenleed: wil Allah dat wel?

Het dier moet tijdens het slachten op zijn linkerflank worden gelegd, met de kop gericht naar Mekka. De slachter moet in één beweging de halsslagader en de luchtpijp oversnijden en hij moet net voor hij uithaalt ‘Allah akbar’ (Allah is groot) roepen. Hij mag zijn mes niet slijpen binnen het gezichtsveld van een dier dat hij gaat slachten. Het dier mag ook geen getuige zijn van de slachting van een soortgenoot. Eigenlijk zijn rituele slachtingen gruwelijk. Na een snede in de hals van een schaap duurt het twee minuten voor dat beest het bewustzijn verliest. Bij een rund duurt dat zelfs vijf tot tien minuten. Dat betekent nodeloos dierenleed. Het is dan ook zeer de vraag of Allah dat echt zou gewenst hebben. Zou hij vandaag niet eerder voor een verdoving kiezen? Toch zou in ons land 92 procent van de schapen halal geslacht worden, terwijl het bij de runderen zou gaan om één op drie. Het zijn schattingen.

Zou het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen (FAVV) ons wijzer kunnen maken over de halalvoedselbusiness? Helaas. Er valt wel iets te lezen in Labinfo, een halfjaarlijks informatieblad voor de erkende laboratoria die zich met de voedselveiligheid bezighouden. In het nummer van december 2015 weidde Labinfo een hoofdstuk aan de analysemethoden voor het detecteren van sporen van varkensvlees in vleesproducten. ‘Bij de voedingsmiddelenproductie en -handel worden integriteit, authenticiteit en eerlijkheid in de handel steeds belangrijkere aandachtspunten’, leest men. ‘Deze vraag wordt niet gestuurd vanuit voedselveiligheid, maar vanuit de wens van de consument, die zijn/haar wens veelal baseert op traditionele, religieuze of emotionele gronden. Zo wordt de vraag naar vers halalvlees en vleesproducten, vrij van sporen van varkensvlees, de laatste jaren steeds groter in Europa.’

We lezen dat er op dat vlak verscheidene keurmerken zijn, en dat er bijgevolg geen standaard is. Maar wat volgt, is merkwaardig. We citeren: ‘In de praktijk wordt voor varkensvlees een nultolerantie gehanteerd. Het zal duidelijk zijn dat bij gebruik van de verschillende analysemethoden, met elk hun eigen prestatiekenmerken, de analyse-uitslagen vaak met elkaar in tegenspraak zullen zijn. (…) Met name bij heel lage verontreiniging van vlees met varkensvlees, zal ook bij een herhaling van de analyse door hetzelfde laboratorium een tegengestelde uitslag verkregen kunnen worden.’ Zo, zo, zelfs erkende labo’s weten het niet altijd met zekerheid. Op welke grond baseren de verscheidene instanties zich dan om certificaten toe te kennen?

In het Vlaams Parlement ligt blijkbaar niemand wakker van de complete ondoorzichtigheid, behalve dan Anke Van Dermeersch (Vlaams Belang) die in oktober 2014 minister-president Geert Bourgeois daarover aan de tand voelde. Zijn antwoorden waren even nietszeggend als ontluisterend. Neen, er bestaat in ons land geen officiële lijst van certificeringsorganisaties. Neen, er bestaat geen universeel vastgelegde procedure inzake halalcertificering. Neen, officiële statistieken bevatten geen gegevens over halalvoeding of bedrijven die in ons land die voeding produceren. En neen, er bestaan geen specifieke codes voor halalvoeding, dus kan de Nationale Bank van België geen precieze uitvoerstatistieken aanleveren. Kortom, de overheid tast op alle vlakken in het duister als het over halalcertificaten gaat. En dat is best beangstigend; de buitenlandse pers schrijft dat inkomsten uit die certificaten geregeld gebruikt worden voor de financiering van terreurorganisaties.

2017-07_11_Dossier De halalbusiness 01Halal: meer dan vlees

Vlees springt het meest in het oog als men het heeft over halal. Er zijn heel wat producten die op het eerste gezicht niets te maken hebben met islamitische geloofsregels en toch in aanmerking komen voor een certificaat. Wie in een moslimland soep wil verkopen, zal het zout dat hij gebruikt maar beter halal laten keuren. Voedingssupplementen of vitaminepillen mogen niet geproduceerd worden met varkensgelatine. Men zal gelatine van vis gebruiken, wat duurder is. Ook verboden is alcohol. Die vindt men in veel douchegels, maar omdat alcohol via de poriën in het lichaam gaat, mag het niet. Shampoos zijn vaak een probleem. Een middel om de haren te doen glanzen, bijvoorbeeld, wordt gemaakt met varkensresten. Dierlijke extracten worden dan ook vervangen door plantaardige. Er bestaat ook halallipstick, halalnagellakremover en halalmedicijnen.

De snelgroeiende groep moslims die bewuster op zoek gaat naar producten die halal zijn gekeurd, is te vergelijken met de consumenten bij ons met een verhoogde interesse voor biologische producten. We zijn er nog niet, want er bestaan ook … halalhotels. Men kan zich inbeelden dat er in moslimlanden hotels zijn met een strand met gescheiden gedeelten voor mannen en vrouwen, maar ook bij ons bestaan die al enkele jaren. Het was de Brusselse Kamer van Koophandel die in 2010 certificaten begon uit te reiken aan hotels die ‘halalkamers’ aanboden. Dat hield in dat er geen sekskanalen waren op tv en dat in de minibar geen alcohol mocht te vinden zijn. Intussen zijn enkele hotels al helemaal halal.

Noot: de vegetariërs

Niet enkel moslims kopen halalproducten. Ook vegetariërs zijn klanten, omwille van de garantie dat in halalproducten geen dierlijke ingrediënten zitten. Zeker voor die groep kopers is een duidelijk wettelijk kader wenselijk.

RVL